Notes
Matches 2,551 to 2,600 of 4,209
| # | Notes | Linked to |
|---|---|---|
| 2551 | Jasper van Herssel, pastoor, meester Derick Huyswert en Eusebius Reimerszoon, priesters der vicarieën, procuratoren vanwege de vicarieën in de Moederkerk te Arnhem, verklaren, dat meester Gerit Saelmaeker heeft afgekocht de 3 gouden schilden, die deze vicarieën jaarlijks hadden uit zijn huis en hofstad aan de St. Johansplaats, waarbij zij tot onderpand van dezen afkoop een rente stellen van 3 gouden schilden uit een huis in de Kerkstraat Datering: 1535 december 25 [op Hellige Kersmiss] Ref: www.archieven.nl/nl/zoeken?miview=inv2&mivast=0&mizig=210&miadt=37&miaet=1&micode=0306&minr=25464679&milang=nl#inv3t2 | Saelmaker, Gerit (I5165)
|
| 2552 | Jeane | van den Broek, Adriana Centijna (I6852)
|
| 2553 | Jeanne van Valois, geb. ca. 1294, gest. abdij van Fontenelle in Henegouwen 7 april 1352, tr. Chauny 19 mei 1305 met Willem I-III van Avesnes graaf van Henegouwen, Holland en Zeeland heer van Friesland, geb. ca. 1280, gest. Valenciennes 8 juni 1337, zoon van Jan II graaf van Henegouwen, Holland en Zeeland, geb. 1247, gest. 22 augustus 1304 en Philippa van Luxemburg, gest. 13 april 1311. Uit dit huwelijk: Aleid ?, tr. Willem II van Borsselen, gest. ca. 1316, Vgl. Reeks 18 generatie 20, hier tr. Aleid Wolfert II van Borsselen, gest. voor 6 april 1317, opgevoerd als bastaard van Jan II, dus een generatie eerder. Margaretha III gravin van Henegouwen en Holland, geb. ca 1293, gest. Quesnoy 23 juni 1356, tr. Lodewijk IV van Beieren keizer van Duitsland, geb. München ca. 1282, gest. bij Fürstenfeldbruck 11 october 1347, Vgl. Reeks 83 generatie 19. Overigens stamt ook Lodewijk van Karel de Grote af. Jan, gest. 1316, Philippa, geb. 24 juni 1311, gest. 15 augustus 1396, tr. Edward III koning van Engeland, geb. Windsor 13 november 1312, gest. Richmond 21 juni 1377, zoon van Edward II koning van Engeland, geb. Caaernar (Wales) 25 april 1284, gest. (vermoord) kasteel van Berkeley (Gloucester) 22 september 1327, Edward benoemde zichzelf tot koning van Frankrijk, één van de aanleidingen tot de 100 jarige oorlog. Johanna van Henegouwen en Holland, volgt generatie 21 Willem IV graaf van Henegouwen en Holland, geb. 1307 (?), gest. Warns september 1345, gesneuveld tegen de friezen, tr. Johanna hertogin van Brabant, geb. 24 juni 1322, gest. ca. 1305, dochter van Jan III van Brabant geb. 1300, gest. Brussel 5 december 1355 en Marie van Evreux, gest 31 october 1355, Vgl. Reeksen 4, 16 en 88 Agnes, gest. na 1327, Isabella, geb. ca. 1323 ?, gest. 3 juni 1361, tr. Robert van Namen, geb. 1326, gest. 1391, zoon van Jan I markgraaf van Namen geb. 1267, gest. ca. 1330 en Marie van Artois gest. 22 januari 1365, Lodewijk, geb. augustus 1325, gest. 1328. | van Valois, Jeanne (I5073)
|
| 2554 | Jeannette Wilhelmina barones van Eck van Overbeek geboren Arnhem 23 juni 1802, overleden 's-Gravenhage 9 juni 1851, trouwde Velp 28 augustus 1823 met Mr. Johan Theodoor Hendrik Nedermeyer ridder van Rosenthal, geboren Culemborg 27 maart 1792, overleden 's-Gravenhage 31 januari 1857, zoon van Mr. Hans Heinrioh Conrad Edler von Rosenthal en Louise Anna Bosch. | van Eck, Jeanette Wilhelmina (I7763)
|
| 2555 | Jelis Dircks van Kouteren, bapt. at Maurik on 25/12/1689, married at Maurik on 15/01/1719 with Hermken Verbrugh, daughter of Jan Verbrugh and Huibertje Brienen, bapt. at Maurik on 13/01/1694. | van Kouteren, Jelis Dircks (I3561)
|
| 2556 | Jhr. Gijsbert Carijn van Eck geboren Warnsveld 8 augustus 1780, overleden Arnhem 13 december 1814, vrederechter te Arnhem, trouwde Langeweer/Doniawerstal 3 september 1812 met Jkvr. Anskje Doys Vegelin van Claerbergen, geboren Leeuwarden 3 januari 1787, overleden Martenastate 1 Mei 1866, dr. van Jhr. Mr. Assuerus Vegelin van Claerbergen en Christine Anskje van Burmania. Ze hertrouwde 1821 met Mr. Ulrich Herman Wielinga Huber. | van Eck, Gijsbert Carijn (I7724)
|
| 2557 | Jillis. gedoopt (rk) op 05-11-1743 te Leiden, zoon van Nicolaas Adamse en Sara Maas. | Adamse, Aegedius (I7518)
|
| 2558 | Joáan van Brienen voerde mede de oorlog voor Hertog Willem van Gulik,in het verschil van Jan van Châtillon, grave van Blois, en tekende daarna het contract over dat geschil in 1376 en compareerde onder de Edelen van Gelderland 6 januari 1377, trouwde N. van Wijhe, die Johan Vosch van Avesaet hertrouwde. | van Brienen, Joáan (I606)
|
| 2559 | Joachim Otten Houckgeest. Read the family history here: https://vanosnabrugge.org/docs/Houckgeest.pdf Joachim Houckgeest (Den Haag, ± 1585 - Den Haag, vóór 1644), was een Haagse kunstschilder en tekenaar die vooral bekend werd door zijn portretten. Kunstenaar Van Joachim Houckgeest zijn niet veel werken bekend die de tijd hebben overleefd. Hij behoorde samen met Jan Antonisz. van Ravesteyn, Anthonie van Ravesteyn en Everard Crynsz. van der Maes tot de eerste generatie portretschilders uit Den Haag. Zijn "Vaandeldrager van het Groene Vendel" uit 1621, dat opgenomen is in de collectie van het Haags Historisch Museum, is het meest aansprekende schilderij van zijn hand. Waarschijnlijk heeft hij nog twee andere schilderijen van de Haagse schutterij vervaardigd, waarvan niet bekend is of die nog bestaan. In de abdij van Newstead in het Engelse graafschap Nottinghamshire bevinden zich de portretten van Sir Thomas en Sir Nicholas Byron, die hij schilderde in 1631. Zij waren broers van Richard Byron, 2e Baron Byron, betovergrootvader van de beroemde dichter en schrijver Lord Byron. Houckgeest schilderde naast portretten mogelijk ook religieuze onderwerpen, blijkens het schilderij "Jezus en de bloedvloeiende vrouw" uit 1626, dat tegenwoordig aan hem wordt toegeschreven. Hij was leraar van kunstschilder François van Daellen. Levensloop Joachim was een zoon van kaarsenmaker Otto Gerritsz. van Houckgeest, die tevens schepen en vroedschap van Den Haag was. In de zomer van 1611 trouwde hij met de uit Amsterdam afkomstige Machteld Staets, die bij hem introk in zijn ouderlijk huis "Het Spijckerboor", gelegen op de hoek van het korte Achterom in Den Haag. Op 7 oktober 1614 wordt hij lid van het Sint-Lucasgilde van de Haagse kunstschilders en in 1626 verkiezen zij hem als hun deken. Veel geld verdiende Joachim Houckgeest niet met zijn schilderijen: in 1627 wordt hij in het kader van de 500ste penning (belasting) aangeslagen voor 16 gulden, welk bedrag nog wordt verlaagd naar 6 gulden. Zijn vader was enigszins vermogender: hij werd aangeslagen voor 44 gulden. Na het overlijden van zijn vader in december 1628 blijft Joachim met zijn vrouw in huis "Het Spijckerboor" wonen. Een deel van de erfenis gaat naar zijn neef Gerard Houckgeest, die net als hij kunstschilder was. (en bierbrouwer om de kost te verdienen) Gerard was een van de vele kinderen van Joachim's broer Joris Houckgeest, een "wolle laeckenkooper" te Den Haag. Gerard Houckgeest was net als Joachim lid van het Sint-Lucasgilde, vanaf 1625. Alternatieve namen Joachim Hoeckgeest, Joachim van Houckgeest, Joechem Oette Hoeckgeest, Jaques Otto Houckgeest, Joachim Otte van Hoeckgeest nl.wikipedia.org/wiki/Joachim_Houckgeest | Houckgeest, Joachim (I6280)
|
| 2560 | Joanna Alberdijn (Jannetje Halbertijn), geboren 1709, gedoopt (rk) op 18-04-1709 te Leiden (getuigen: Marcel Alberdijn), dochter van Joannes Alberdijn, spinder, en Anna Silla (Silaaij, Salane). | Alberdijn, Johanna (I7561)
|
| 2561 | Joannes Ossenbrugh was born to Bernardt Ossenbrugh and Maria. Joannes was baptized on August 31 1631, in Katholisch, Borghorst, Westfalen, Prussia | Ossenbrugh, Joannes (I6471)
|
| 2562 | Job Jacobs (Crijger) suickerbacker in Rotterdam, tr. Joostge Crijns van der Meer. Een kind, Leuntge Joppe Crijger zij testeert ONA te Rotterdam 267, akte d.d. 15 aug. 1659 fol. 199-200, als bejaarde ongeh. dochter waarbij zij haar ooms en neef van vaderzijde en kinderen en kleinkinderen o.a. Wouter Jacobse en Daniel, Jacobse. Sacharijas en kinderen de broer van haar vader wordt niet genoemd. Bron: Peter J. Troost | Crijger, Job (I5742)
|
| 2563 | Jobst Wilhelm von der Leiten zu Laer (1664 / 90) marries: 1- Mechte von Palant zu Keppel (Tochter von Adolph Werner oo Ida Margar. v. Botlenberg genannt. Schirp), Kinder: - Jobst Christoph - Ida Maria, Stiftsdame zu Essen (1706) - Elbertina Johanna (Josina) oo Fr. Conrad von Ossenbrock zu Bärendorff - Anna Sibilla 1.oo Jan Gisbert v. Bönem zu Overhaus, 2.oo Conrad Henrich Georg v. Vaerst zur Heve - Anna Elisabeth, Stiftsdame zu Clarenberg (1706) 2- Second marriage to Isabella Elisabeth von Calenberg | von der Leiten, Elbertina Johanna (I2423)
|
| 2564 | JOBSZ, Krijn. Kreijn. | Comtebedde, Krijn (I5764)
|
| 2565 | Joffer Vijf akkers in het kerspel Rijswijk, strekkend van de halve middelweg tot Droevenkamp, boven: de heer van Schin en Doorwerth, beneden: Pons Jansz. en nu: Hendrik van Bylar. 20-5-1619: Wijnand van Bylar, 1/14. 16-9-1635: Wijnand van Bylar met ledige hand, 1/14. 22-4-1643: Gerbrand Schagen, secretaris van Wijk bij Duurstede, voor Anna Noesten, weduwe, ook voor Johanna, Geertruida, Cornelia en Anna, haar dochters, onmondig, bij dode van Wijnand van Bylar, schepen van Wijk bij Duurstede, hun vader en haar man, die in 1637 te Utrecht testeerde, bevestigd door Wijnand van Ossenberg, haar neef, 1/14. 16-1-1675: Thomas Stochius, predikant te Waddinxveen, gehuwd met Cornelia van Bylar, bij dode van Johnna van Bylar, haar zuster, en Geertruida van Bylar, haar zuster, 1/14. Wijk bij Duurstede nr. 567.2, 03-02-1657 Pontiaen van Hattem treedt als borg en principaal op voor Wijnand van Ossenberg, aangespannen door Jvr. Anna Noesten, weduwe van Wijnand van Bijller. | Noesten, Anna (I316)
|
| 2566 | Joffer | Bartruidt (I8836)
|
| 2567 | Joh. Cnr. von und zu Ossenbrock, Herr zu Wiesche. Is he the son from his father's second marriage? Read this: Verfahrensrecht. Hintergrund des Verfahrens ist ein Streit um 1000 Rtlr., die eine Witwe Ossenbroich 1622 verliehen hatte und für deren Bezahlung Haus Heiligenhoven (Fürstentum Berg) als Sicherheit gesetzt war. Von Schenk ist testamentarischer Erbe des damaligen Schuldners Adam Adolf von Steinrath, Kanoniker zu St. Andreas, Köln. Die Summe war später in Verrechnung mit einer anderen Schuld gezogen worden. Von Schenk erklärt, die möglichen Erben des Johann von Ossenbroich, nämlich dessen Sohn aus 1. Ehe, Wolfgang Wilhelm, und Witwe und Kinder des Sohnes aus 2. Ehe, Walrad Conrad, vor das Keppellische Gericht (Herzogtum Berg) geladen zu haben und auf die Erklärung letzterer, sie seien nicht Johanns Erben, die 1000 Rtlr. dem Schwiegersohn des Wolfgang Wilhelm, Rembert Dietrich von Clodt, ausbezahlt zu haben. Enthaeltvermerke : Kläger: von Schenk zu Beringshausen Beklagter: Witwe, nämlich Johanna Catharina Stael von Holstein, und Erben von Ossenbroich zu Dönhoff; Rembert Dietrich von Clodt zu Breidenbach Aktenzeichen : S 854/2983 het kerspel Aerdt, 1661. 1 charter 0371 Huis Aerdt Akte waarbij Johan van en tot Ossenbroick en zijn vrouw Anna Livina van Steenhuys uit kracht van magescheid overdragen aan haar broeder Godert van Steenhuys en zijn vrouw Theodora Vijgh een bouwhof, de Boeningen genaamd, groot 30 morgen, gelegen in het kerspel Aerdt, 1661. 1 charter 1661 März 14 Beschreibung : Vor Dr. iur. Jacob Muntz, Amtsrichter zu Cleverhamm, und Otto Leygrafen sowie Heinrich Rycken, Schöffen des Kirchspiels Till, erscheint Johann von und zu Ossenbruch und verkauft für sich und seine Frau Anna Levina v. Ossenbruch geb. von Steinhausen gegen ein Darlehen von 2200 Reichstalern dem krfl. brandenburg. Geheimrat Johann von Portmann und seiner Frau Anna geb. Pastors erblich eine Rente von 132 Reichstalern aus "dem Gentischen Werdt", der mit Zubehör 48 holländische Morgen fasst und aus Weide- und Ackerland besteht. Als Unterpfand dient obiger Werdt und alle zum Haus Ossenbruch gehörigen Höfe, Ländereien etc. Rückkauf der Rente vorbehalten (Am 2. Mai 1663 wurden 250 Reichstaler und am 11. Februar 1666 die restierenden 1950 nebst 292 1/2 Reichstalern rückständ. Interesse von den Eheleuten Ossenbrock zurückgezahlt und also mit der letzten Zahlung die Rente erledigt. Beide Zahlungen erfolgten zu "Embrich", die erste an Johann, die zweite an Wilhelm Heinrich von Portmann [vergl. hierzu die 2. Aufschriften auf dem Rücken der Urkunde]).Unterschrift: Balth. Luers, Gerichtsschreiber in Cleverhamm. Bestellsignatur : Gesamtarchiv von Romberg - Urkunden, Nr. 2830 27 November 1663 Beschreibung : Johann Moritz, Fürst zu Nassau etc., belehnt für sich und seine "Vettern u. Brudern" Wilhelm Friedrich, Georg Friedrich, Moritz Heinrich, Johann Franz, Adolf, Franz Bernhardt, Heinrich, Wilhelm Moritz, Friedrich und August Heinrich, alle Fürsten und Grafen zu Nassau, den Johann von und zu Ossenbroich mit dem Zehnten zu Braunshausen, den vor Zeiten Gerlach von Diedershausen innehatte und der nach dem Erlöschen des Viermundischen Mannesstammes an Nassau zurückgefallen, als einem Mannlehen.Gegeben zu Siegen. Bestellsignatur : Gesamtarchiv von Romberg - Urkunden, Nr. 2854 1665 Juli 6 Beschreibung : Georg Wilhelm von und zu Hertevelt, Joh. de Beyer und Henrich Motzfeldt, welchen vom Brandenburg die Inspektion der Jagd, des Waldes und der Mast aufgetragen ist, laden den Herrn v. Ossenbroch zum Dunhoff und den v. Staell zum Steinhaus auf den 7. Juli in Joh. Coppen Behausung zur Verantwortung wegen des denunzierten Jagens und Holzhauens. Bestellsignatur : Gesamtarchiv von Romberg - Urkunden, Nr. 2869 Vermerke : Gemäß Rückaufschrift ist der Frohne zu Wetter mit der Insinuation beauftragt 1673 Dezember 14 Beschreibung : Nach dem Tode Johanns v. Ossenbroch, der am 27. März 1642 mit dem Haus, Hof und Mühle zu Ossenbroch nebst Zubehör, mit 15 alten Schilden jährlich aus dem Hof zu Nedenay und mit dem Hof und Gut zu Ludinghoven nebst Zubehör von dem Krf. Friedr. Wilh. v. Brandenburg belehnt worden war, belehnt derselbe Krf. auf Anhalten der Witwe von Ossenbroch, Anna Catharina von Steinhaus, deren Bevollmächtigten Peter Ningeltgen "in behueff" Walrafs Conrads, des minderjährigen Sohnes Johannes v. Ossenbroch, mit diesen Gütern. Doch muss Walraf Conrad, sobald er großjährig ist, nochmals die Belehnung nachsuchen.Zeugen: Wolter von Morrien, Geh. Regierungsrat, Amtscammergerichtspräsident und adjungierter Richter v. Wesel; Joh. Casp. Steinberg, Dr. iur. als Lehnsmannen.Unterschrift: Fraenz(?); Johann Adolf Peil. Bestellsignatur : Gesamtarchiv von Romberg - Urkunden, Nr. 2928 Material : Pergament Überlieferung : Original | von Ossenbrock, Johan Conrad (I164)
|
| 2568 | Johan Juho Honkajärvi | Åsenbrygg, Juho (I10079)
|
| 2569 | Johan Corneliss UDO. Waarschijnlijk overleden tussen 15-11-1591 en 05-07-1592. Zoon van Cornelis Janss UDO (zie 11) en Anna Jansdr van der EEM (VEREEM). Gehuwd met NN. Uit dit huwelijk: 1. Cornelis Janss 2. Hen(d)rick Janss, overleden voor oktober 1641. Gehuwd met Barbara ANTHONISS, overleden na 13-11-1642. Na het overlijden van Henrick Janss Udo huwt zij met Herman Sanderss. | Udo, Johan Cornelis (I6762)
|
| 2570 | Johan de Vooght (Jr.), juridisch student te Leiden 19 juli 1597 (Gelrus, 20 jaar), schepen van Arnhem, raad ordinaris in het Half van Gelderland, gecommitteerde in de Rekenkamer, gedeputeerde in de Provinciale Staten en in de Staten-Generaal, tr. 's-Gravenhage 10-2-1604 Cathalina Meganck, dr. van Louis Meganck, eerste raad van Brabant, en van Catharina van Mechelen. Getuige bij: 13-07-1611 doop Jan Nicolaas de Vooght (geb. 1611) [grootvader vaderszijde] [bron: Hervormd Dopen FS #33] Resolutiën Staten-Generaal Oude en Nieuwe Reeks 1576-1625 Gezien de commissie van de Staten van Gelderland dd. 25 November 1607 voor Goossen van Varick, eerste rekenmeester, en van de Gedeputeerden van de Ridderschapensteden van het Arnhemse kwartier dd. 30 Juli voor Johan de Vooght, dr. in de rechten, lid van het Hof van Gelderland en burgemeester van Arnhem, tot het afhoren van de rekeningen van Doubleth en van de ontvangers van de Admiraliteiten, overeenkomstig de instructie van 5 November 1607 *), namen de Staten comparanten 27 Augustus de eed af (R. i. d.). Hof van Holland. Inventaris nr. 5877 6e vervolg, Akte gepasseerd voor het Hof, waarbij Adriaen Pauw en twee getuigen verklaren dat een rentebrief ten laste van Friesland op het leven van Fredrick Alewijn ten bedrage van 500 guldens per jaar van 22 mei 1635 aan Pauw in volle eigendom toekomt, dat Alewijn nog in leven is en dat de betaling van de lijfrente op 11 mei 1662 is gedaan en dat dit door de griffier van het Hof op de akte zelf aangetekend, 1662 mei 12, afschrift, 1 stuk. Sententie van het Hof in de criminele zaak van de procureur-generaal tegen mr. Johan de Vooght, waarbij de Vooght bij verstek ten eeuwigen dage uit Holland, Zeeland, West-Friesland en Utrecht wordt verbannen, op straffe des doods bij terugkeer en zijn goederen verbeurd worden verklaard, 1640 juli 31, afschrift, 1 stuk Dicta, 1633 november 16-1688 januari 15. • Student: jur. student, 19 Jul 1597, Leiden, Zuid-Holland, Nederland. • Titel: Dr. in de Rechten. • Beroep: Burgemeester en lid van het Hof van Gelderland: Arnhem, Gelderland, Nederland. | de Vooght, Johan (I5158)
|
| 2571 | Johan Frederik Ritter, geb. te Middelburg ± 11.1807, ovl. te Oterleek 21 apr 1885, beroep(en): genees-, heel- en verloskundige, chirurgijn, Adres Wijk A Huis 26 21 apr 1885 | Ritter, Johan Frederik (I6177)
|
| 2572 | Johan Henricksz van Voorthuisen ook genaamd Jan, geboren rond 1418, overleden voor 1461, hoogstens 43 jaar oud, zoon van Henrick van Voorthuisen en Bartruijd.Alg. ned. Familieblad, Juli 1891, pag. 143.GAZuthen, Oud-arch. regesten nr. 779.Gelre, LeenactenboekSloet enz. 1917, pag. 46.Ned.Leeuw, 1897, pag.110. In 1451 wordt hij genoemd als huwelijksgetuige te Zutphen bij het huwelijk van Geryt Ruter en Lamme Exzen. 1454 Januari 24, Henrick Heer van Wisch, ridder, ende Willem van Baeke, markenrichter der buurschap Baeke ende Gysbert van Branssenburch, Johan Huerninck, Johan van Voerthuesen, Johan Krey(n)ck Andriessoon ende Evert Mengerrynck als erfgenamen van Baeke, staan de zusters van het Hospitael toe, dat de boer, die op het goed der zusters, genaamd "Hospitaelsguet" woon, in de mark Baeke plaggen mag steken en zijn land omheinen, waarvoor zij 20 Rijnsche guldens hebben betaald. Gegeven in den jaer ons Heeren duesent vierhondert vier ende vyftich up sunte Paewelsavent conversionis. Met geschonden zegel van Johan in groene was. 't Goet te Meyerinck tot Angerhem, te dienstmans rechte erkent bij Lambert Boldewijnssoon ao 1326. Henrick Berck bij transport Johanne vorn. (Van Steenbergen) ao 1433. Arnt Berck beleent ao 1450. Idem bekent sijner suster Jutte, Johans wijff van Vorthusen, die helft, ao 1450. idem ao 1465. Idem vernijt eedt van de goede tot Meyerinck met allen sijnen toebehoren, in de kerspel van Warsveld, in der buyrschap van Angeren gelegen, daer naest gelant is dat goet ter Horst aan deen ende dat goet Oyinck an dander sijde, tot Zutphenschen rechten, 12 Octobris 1473. Henrick van Berck, erve sijnes vader s Arnt, 21 Augusti 1484. Idem vernijt eedt ao 1500. Arnt van berck, erve sijnes vaders, 20 Maii 1521. Henrick van Vorthusen Johans soon draegt op sijn helft joffrou Anthonia van Vorthusen, ao 1537. Idem Arnt van Berck vernijt 1538 t/m1571. In 1434 is raad te Zutphen, dus moet hij eerder geboren zijn dan 1418. Johan is getrouwd rond 1446 voor de kerk, op ongeveer 28-jarige leeftijd (1) met Jutte Berck ook genaamd Jutta (ongeveer 26 jaar oud), geboren rond 1420, overleden voor 1494, hoogstens 74 jaar oud, dochter van N. Berck. Uit dit huwelijk: 1 Henrick Johansz van Voorthuisen, geboren rond 1447 2 Geertruid Johansdr van Voorthuisen, geboren rond 1448. 3 Lamme Johans van Voorthuijsen, geboren rond 1449 4 Gerrit Johansz van Voorthuisen, geboren rond 1454 5 Thomas Johansz van Voorthuisen, geboren rond 1455. 6 Johan Johansz van Voorthuisen, geboren rond 1456. 7 Thonis Johansz van Voorthuisen ook genaamd Anthonis, geboren rond 1458. Hij wordt op 13 Januari 1485 beleend met het erf ten Bouhuse te Rienderen na opdracht van zijn broer Henrick. Zijn zoon bij een onbekende vrouw: 8 Sweder Johansz van Voorthuisen, geboren rond 1446. sites.google.com/site/forthuyse/early-family-history | van Voorthuisen, Johan Henricksz (I6657)
|
| 2573 | Johan Hillen Stevenss VONCK van LIENDEN, buurmeester van Meerten 1457 en 1466, in 1453 leenman der Abdij van St. Paulus Buurmeester van Meerten in 1457 en 1466, zoon van Hillebrant VONCK van LIENDEN Kind: 1. Dirck VONCK van LIENDEN | Vonck van Lienden, Johan Hillen Stevenss (I6519)
|
| 2574 | Johan I van Twickelo (circa 1409-ovl. 1449) was een Twentse edelman die tussen 1444 en 1448/49 richter van Delden was. Hij was heer van Twickel bij Delden. Familie Johan I van Twickelo was de zoon van Herman III van Twickelo (- voor 1420) en Grete van Bevervoorde, welke in 1408 getrouwd waren. Zijn zuster Grete van Twickelo (-na 1476) was in 1433 gehuwd met Berend van Wullen (-in of voor 1457). Johan I was in of voor 1435 getrouwd met Jacopje van Keppel, dochter van Herman van Keppel, drost van Twente tussen 1415-1419. Uit dit huwelijk stammen een zoon, Johan II van Twickelo en een dochter, Maria van Twickelo (-1536) die met Otto van den Rutenberg (-1524) trouwde. Naast de goederen van zijn ouders erfde Johan I ook de goederen van zijn oom Frederik van Twickelo, waaronder Huis Eerde bij Ommen. Zijn zoon Johan II van Twickelo (-1500) erfde al zijn goederen. Vicariestichting In 1423 stichtte Herman II van Twickelo, grootvader van Johan I met diens toestemming, een vicarie in de kerk van Delden, de vicarie van Sint-Mattheus, ter nagedachtenis van wijlen zijn broer Heer Wijnand en wijlen zijn zoon Herman III van Twickelo. | van Twickelo, Johan I (I9109)
|
| 2575 | Johan II van Büren Heer van Leerodt en Vrelenberg | van Büren, Johan II (I6055)
|
| 2576 | Johan II van Twickelo (ovl. 1500) was een Twentse edelman die tussen 1494 en 1500 drost van Twente was. Hij was heer van Twickel bij Delden. Door zijn huwelijk met Adriana van den Rutenberg kwamen haar voorouderlijke goederen in bezit van de Van Twickelo's. Familie Johan II van Twickelo was de oudste zoon van Johan I van Twickelo (-1449) en Jacopje van Keppel. Zijn zuster Maria van Twickelo (-1536) was gehuwd met Otto van den Rutenberg tot de Grimberg (-1524). In of voor 1470 trouwde Johan II met Adriana van den Rutenberg (-1513) uit Dalfsen, dochter van Frederik van den Rutenberg en Agnes van Weerdenburg van Broeckhuijsen. Na het kinderloos overlijden van haar broers, kwamen de familiegoederen waaronder de havezate Rutenberg en de Hof te Hengelo in bezit van de Van Twickelo's. Uit het huwelijk van Johan II en Adriana zijn 6 zonen en een dochter bekend: Johan III van Twickelo, (-1539), erfde het drostambt Twente en Huis Twickel Heer Frederik van Twickelo, (-1545), drost van Diepenheim, kastelein van Coevorden, erfde de Rutenberg en de Hof Hengelo Adolf van Twickelo, domheer te Osnabrück Herman van Twickelo tot Borgbeuningen Adriaan van Twickelo, erfde Huis Eerde Hako van Twickelo, domheer te Munster en later te Paderborn Margaretha van Twickelo (-1549), stiftsjuffer te Borghorst Vicariestichtingen In 1491 stichtten Johan II en zijn vrouw Adriana twee vicariën in de kerk van Delden, de vicarie van Sint-Johannes de Evangelist en de vicarie van de Heilige Maagd Maria. | van Twickelo, Johan II (I9107)
|
| 2577 | Johan III van Twickelo (-1539) was een Twentse edelman die van 1500 tot zijn dood drost van Twente was. Johan III was heer van Twickel. Toen Johan drost was vonden de Gelderse Oorlogen plaats. Bij de belegering van Oldenzaal in 1510 werd hij gevangengenomen, zijn vrouw die zwanger was van haar dochter Judith, mocht de stad verlaten. Johan III van Twickelo was een zoon van Johan II van Twickelo en Adriana van de Rutenborg. Hij trouwde in 1506 met Jutte Sticke, dochter van Johan Sticke tot Weldam en Elsebe van Middachten. Johan III en Jutte hadden de volgende kinderen: - Johan de Oude, doodgestoken in 1536 - Johan de Jonge, overleden aan de pest in 1535 of 1536 - Jutte (1510 of 1515-1554), trouwde in 1531 met Unico Ripperda tot Boxbergen (-1566) - Agnes (-1551), trouwde in 1537 met Goossen van Raesfelt de Oude (1499-circa 1580) Na Johans dood werd zijn goederenbezit verdeeld tussen zijn beide dochters met hun mannen. Twickel en het drostambt Twente waren bij huwelijkse voorwaarden in 1537 al aan Agnes en Goossen toegewezen. Judith en Unico kregen de havezate Weldam. Daarnaast had Johan III verscheidene buitenechtelijke kinderen: - Agnes, trouwde met Frans ter Bruggen - Frederik, volgens Van Rhemen gelegitimeerd in 1538 - Judith, trouwde met Melchior de Reyger tot Dubbelink - Johan, schout van Raalte | van Twickelo, Johan III (I9097)
|
| 2578 | Johan Karel baron van Eck geboren Arnhem 1 april 1757, overleden Arnhem 16 maart 1836, jonkheer 28 augustus 1814, baron 25 april 1822, Heer van Overbeek, Vieracker en Ommershof, ambtsjonker van Brummen 1778, in de ridderschap van Veluwe 1779; lid Gedeputeerde Staten van Gelderland 1818-1836, trouwde Brummen 6 april 1778 met Francesca Madelon van Till, geboren Brummen 9 juli 1756, overleden Arnhem 26 oktober 1823, dochter van Gijsbert Casijn van Till Heer van de Wildbaan en Anna Maria Berg. | van Eck, Johan Karel (I7719)
|
| 2579 | Johan Karel van Eck tot Nergena lid ridderschap ambt Ede 1700, kolonel commandant over het regiment van den prins van Nassau 1697. Beleend met Nergena door afstand van zijn broer Lubbert op 8 april 1699. | van Eck, Johan Karel (I7699)
|
| 2580 | Johan marries for a 2nd time in 1659 | N.N. (I4098)
|
| 2581 | Johan Otten Houckgeest. Read the family history here: https://vanosnabrugge.org/docs/Houckgeest.pdf. Also: Johan Houckgeest. Datum overlijden onbekend. Datum van de opbrengst des boedels ter weeskamer: 7 Maart 1670. Contanten; f 11,100.00 | Houckgeest, Johan (I6282)
|
| 2582 | Johan Tolleken trouwde met Aleyd; in 1429 in een schepenakte te Arnhem vermeld. Uit dit huwelijk: 1. Arend Tulleken. genwiki.nl/gelderland/index.php?title=Tulleken | Tolleken, Johan (I4006)
|
| 2583 | Johan Ude GERRITSS, geboren omstreeks 1430, overleden na 18-11-1510, wonende te Maurik, zoon van Gerrit Ude JANSS en Lijsbeth NN. Gehuwd, voor 04-06-1476. Partner is Johanna Wylhelmsdr van der EEM, overleden na 07-02-1482. Dochter van Willem van der EEM en NN. Uit dit huwelijk: 1. Cornelia Jansdr UDE, geboren omstreeks 1475, overleden na 26-02-1556. Gehuwd, voor 07-01-1529. Partner is Barend Van ECK, voor februari 1556. 2. Ulant Jansdr UDE, geboren omstreeks 1470, overleden na mei 1504, wonende te Maurik. Gehuwd, voor 10-05-1504. Partner is Pons GERRITSS, zoon van Gerrit PONS(CIAAN)S en Geesken NN. 3. Cornelis Janss UDO 4. Gerrit Janss UDO | Ude, Johan Gerritss (I6766)
|
| 2584 | Johan v. Ossenbroich zu Ossenbroich, Herr zu Blitterswick, Haen, Wiesche (zur Wisch), Kurtenbach, Colvenburg und Dönhof, Amtmann zu Grevenbroich. 1616 März 14 Beschreibung : Dietrich, Graf von Brunckhorst, Frh. von Batenburg, "zu Anholt, Baer u. Lathum, Bannerher" des Fürstentums Geldern und der Grafschaft Zütphen, lässt durch Dietr. von Batenburg, Statthalter seiner "Anholtischer u. Meilandischer Lehn" den Stephan Bachoggen als Bevollmächtigten des unmündigen Johann von Ossenbroich "mit dem Hoff Gruwell bei Ossenbroich im Kerspell von Till gelegen, welcher an unserm HausMeilandt zu Zutphenen rechten lehnrurig mit einem ponde gudes goldts"belehnen.Der Bevollmächtigte leistet den üblichen Lehnseid.Als Zeugenwaren anwesend die Lehnsmannen: Berndt Speltmann und Wilhelm Frölich."Geen uffm Haus Anholtt". Bestellsignatur : Gesamtarchiv von Romberg - Urkunden, Nr. 2409 In one doc. it is mentioned that he had children (plural) from his first marriage: Herr zu Haen, Curtenbach, Bladenhorst, Wische, Rolvenburg und Dönhof. Vergleicht sich mit den Kindern erster Ehe wegen Haen und Wisch. He marries again in 1659 1650 Juli 25 Beschreibung : Joh. von und zu Ossenbroch, Hain, Wisch und Dünhoff und Frau Elisabetha Margaretha geb. v. Raesfeldt nehmen von Herm. Ubelgün und Frau Christina ein Darlehen von 100 Reichstalern zu 6% zu Erbauung des verwüsteten adligen Hauses Dünhoff auf. Zeuge: der Sekretär Tilmann Honseler. Bestellsignatur : Gesamtarchiv von Romberg - Urkunden, Nr. 2741 Heirate Eliz. Marg. von Raesfeld zu Ostendorff. Tochter von Adolph und Maria v. Elmpt zu Burgau, Ehepalten vom 22 Feb. 1637. Stirbt 1665. 1656 Aktenzeichen : O 188/1290 Person : (2) Kläger: Johann von und zu Ossenbroich, Herr zu Blitterswick, Amtmann zu Grevenbroich, (Bekl.: sein Vater Johann von Ossenbroich, fürstl. jül. Hofmeister, Rat und Amtmann zu Grevenbroich und Gladbach) bzw. seine Witwe Elisabeth von Virmond als Vormund der zwei gemeinsamen minderjährigen Söhne; ab 1616 der fürstl. klev. Rat und Amtmann zu Goch Dietrich von Eickel als Vormund (3) Beklagter: Erben des Christian Herwegh zum Poll, (Kl.: im Namen seiner Frau): seine Witwe Anna Overheid, Wilhelm Herwegh zum Poll, Heinrich Förster (Vörster) für sich und seine Frau bzw. seine Tochter Endtgen, Ambrosius zu Krakau als Mann und Momber seiner Frau Agnes Herwegh zu Krakau, alle im Amt Steinbach wohnhaft, Wilhelm außerdem noch als Vormund der unmündigen Tochter Anna des Johann Simons, Bürgermeisters der Freiheit Mülheim, und der Catharina Herwegh (4) Prokuratoren (Kl..): Lic. Christoph Riecker 1612 - Dr. Bernhard zur Lipp1641 - Notar Abraham Röder 1646 - Dr. Johann Ulrich Stieber 1654 Prokuratoren (Bekl.): Lic. Daniel Seiblin 1612 - Lic. Christoph Riecker 1612 - Dr. Christian Schröder 1615 - Dr. Heinrich Eylinck 1625 - Lic. Johann Konrad Albrecht von Lauterburg 1642 - Lic. Johann Hansen 1650 Sachverhalt : Streitgegenstand: Anspruch auf den Nachlaß des 1580 in der Nacht vor dem 28. Okt. verstorbenen jüngeren Wilhelm von Overheid. Wilhelm von Overheid der Ältere hatte mit seiner Frau Margarethe von Waldenburg gen. Schenkern einen gleichnamigen Sohn, der neben anderem Besitz auch die Häuser Keppel und Kurtenbach (Hzm. Berg, Amt Steinbach; Oberbergischer Kr. oder Rheinisch-Bergischer Kr. ?) mit allen dazu gehörigen Gütern und Höfen besaß. Als er kinderlos starb, versuchten verschiedene Parteien, darunter die Appellaten, sich als nächste Erben "ab intestato" zu qualifizieren. Nach deren Darstellung soll Anna Overheid, die Witwe des Christian Herwegh, eine Tochter des Konrad von Overheid, Bruders des älteren Wilhelm von Overheid, und damit die nächste Blutsverwandte gewesen sein. Der Appellant behauptet dagegen, Anna sei "extra matrimonium in concubinatu" geboren. Weder Wilhelm der Ältere noch Wilhelm der Jüngere hätten sie bei Lebzeiten als Nichte bzw. als Cousine anerkannt. Seine eigenen Ansprüche begründet der Appellant damit, daß seine Mutter Margarethe von Bottlenberg gen. Schirp eine Halbschwester des jüngeren Wilhelm von Overheid gewesen sei (die gemeinsame Mutter Margarethe von Waldenberg war in erster Ehe mit einem Konrad Schirp verheiratet) und er damit zwei Grade näher mit dem Erblasser als seine Kontrahenten verwandt sei. Außerdem habe Wilhelm seine Halbschwester in einem Testament zu seiner Erbin eingesetzt. Als Testamentsvollstrecker habe er den jül. Rat, Marschall und Amtmann zu Steinbach, Wilhelm von Waldenburg gen. Schenkern, eingesetzt, der sich auch nach Wilhelms Tod sofort der Güter bemächtigte. Das RKG verurteilte am 13. Dezember 1644 den Appellanten zur Herausgabe des gesamten Erbes einschließlich aller Erträge, die er seit dem Tage der Okkupation aus dem unbefugten Besitz gezogen hatte. Daraufhin wurde eine Revision vor dem Erzbischof von Mainz angestrebt, schließlich aber ein Vergleich geschlossen. Prozessart : (5) Prozeßart: Appellationis Instanz : (6) Instanzen: 1. Schultheiß und Schöffen des Landgerichts Keppel (Hohkeppel;Hzm. Berg, Amt Steinbach) 1582 - 2. Jül.-Berg. Hofgericht Düsseldorf 1608 - 3. RKG 1612 - 1670 (1582 - 1657) Beweismittel : (7) Beweismittel: RKG-Urteil vom 13. Dez. 1644 (16). Vergleich vom 3. Jan.1656 (Q 64f.). Formalbeschreibung : (8) Beschreibung: 2 Bde., 13 cm, 505 Bl.; Bd. I: 272 Bl., lose; Q 1 - 83 außer Q 5,Q 34*, 51* und 55*, 12 Beilagen, Q 11 fehlt; Bd. II: 233 Bl., gebunden; Q 5 (Vorakten). Lit.: Kurt Niederau, Zur Geschichte des Bergischen Adels. Die von dem Bottlenberg. Neustadt a. d. Aisch 1976 (=Bergische Forschungen, Bd. 14, 1974) S. 57-59. 1658 Oktober 7 Beschreibung : Joh., Wolfgang Wilhelm und Joh. Conradt v. Ossenbroch,Vater und Söhne, bekennen sich gegen ihre Nichte Anna Catharina v. Keppell, Tochter zu Ödinck zum Hove, zu einer Schuld von 300 Reichstalern behufs Abzahlung der wegen der +Philips Catharina geb. v. Viermundt,Frau v. Wolmerinckhausen, ihrem Gemahl vermachter und von diesem weitervererbten "Wiederhahr" und verpfänden dafür eine auf den v. Aschenbroch zur Mahlenburg sprechende Obligation über 400 Goldgulden.Nachschriftlich nimmt Joh. von und zu Ossenbruch am 7. Dezember noch 200 Reichstaler auf uner Verpfändung einer weiteren Obligation über 400 Goldgulden. Bestellsignatur : Gesamtarchiv von Romberg - Urkunden, Nr. 2813 Vermerke : auf dem Rücken Quittung über den Gesamtbetrag von 500 Reichstalern, d.d. 1667 Juni 2 Brünninghausen. Interessante Rückbemerkung über die Heiratsberedung des Herrn de Wrede um Anna Catharina v. Keppel Material : Papier Überlieferung : Original, kanzelliert | von Ossenbrock zu Haen, Johann (I160)
|
| 2585 | Johan van Arnhem is geboren op donderdag 20 september 1543, zoon van Joseph van Arnhem en Jacoba van Speulde. Johan is overleden op woensdag 14 maart 1607, 63 jaar oud. Johan, raadslid van het vorstendom Gelre en graafschap Zutphen, richter te Arnhem en in Veluwezoom, trouwde, 45 jaar oud, op zondag 10 september 1589 met Johanna van Ittersum, 20 jaar oud. Johanna is geboren in 1569, dochter van Robert van Ittersum en Johanna van Mulert. Johanna is overleden op dinsdag 17 november 1626, 57 jaar oud. Kinderen van Johan en Johanna: 1 Jacoba van Arnhem, geboren op maandag 27 mei 1591. Jacoba is overleden op donderdag 18 december 1653 in Wageningen, 62 jaar oud. Jacoba trouwde, 25 jaar oud, in mei 1616 met Lubbert Torck. Hij is een zoon van Frederik Torck en Maria van Wittenhorst. Hij is weduwnaar van Hendrica van Arnhem (1585-1616). 2 Robbert van Arnhem, geboren op maandag 1 maart 1593. Robbert is overleden op vrijdag 29 oktober 1593, 7 maanden oud. 3 Joseph van Arnhem, geboren op dinsdag 20 september 1594. Joseph is overleden op zaterdag 6 oktober 1618, 24 jaar oud. 4 Robbert van Arnhem, geboren op zaterdag 20 juli 1596 5 Gerrit van Arnhem, geboren op maandag 5 januari 1598 6 NN van Arnhem, geboren op donderdag 5 augustus 1599 en enkele dagen later overleden, 0 jaar oud. 7 Ernst van Arnhem, geboren op zondag 6 oktober 1602. Ernst is overleden op donderdag 14 september 1606, 3 jaar oud. 8 Paul van Arnhem, geboren op vrijdag 20 mei 1605. Paul is overleden op dinsdag 28 augustus 1629, 24 jaar oud. 9 Johanna van Arnhem, geboren op maandag 25 juni 1607. home.xmsnet.nl/pimonline/adel.html | van Arnhem, Johan (I8319)
|
| 2586 | Johan van Balveren (bijgenaamd de jonge), geboren in 1540 en overleden in 1602. Heer van Geesthoven. Hij kwam voor in de Ridderschap van Nijmegen en in de riddercedullen van de Veluwe. Hij huwde met Margaretha van Wees, geboren in 1540 en overleden in 1615. Zij hertrouwde met Jacob van Zijl van Woert. Zij hadden een zoon Christoffel van Balveren, geboren in 1570 en overleden in 1634. Heer van Geesthoven. Beroep: ambtman van Maas en Waal. Hij kwam voor in de ridderschap van Nijmegen en in de riddercedullen van de Veluwe. | van Balveren, Johan (I8682)
|
| 2587 | Johan van Boedberg Hermanszoon, raad en hofmaarschalk van GeIre: In 1424 benoemd tot Gelder's ritmeester en commandant van Erkelenz; 1431 erfmaarschalk van Gelre; 1456 overleden; | van Boedberg, Johan (I3617)
|
| 2588 | Johan van Brienen junior is in 1327 richter te Arnhem, houdt land in Else in onderpand in 1327, is knape en borg in 1331 en 1336 en getuigein 1331 en 1333. | van Brienen, Johan Jr (I604)
|
| 2589 | Johan van Brienen overleden 1502, ambtsman van de abdij Abdinghoven op de Veluwe, burgemeester van Harderwijk 1480, trouwde met N.N.. Uit dit huwelijk: 1. Johanna van Brienen trouwde met Willem van Culemborg, zoon van Gerrit van Culemborg en Margaretha Taets van Amerongen. www.ecostat.nl/Stoppendaal/pk3224.php Another sourxce says that he was married to - Geertruid van Middachten (in 1420) - Johanna van Buuren with son - Rutger van Brienen Married to Mechteld Voet son - Jan van Brienen Married to Belia van Zuylen with a son: Jan van Brienen Married to Walburgis van Amstel | van Brienen, Jan (I2390)
|
| 2590 | Johan van Bueren, drossaard van Lobith 1539, later (z.d.) drost te Dinslaken; in 1539 en 1547 beleend met de Molen van Offenbeek en de Hof te Leeuwen. Tr. met Anna van Wijlich (Wijlack), dr. van Dirk II van Wijlich en Elberg van den Boetzelaer. Uit dit huweijk: 1.Wolter van Bueren tot Calbeeck, volgt VIIIa. 2.Otto van Bueren, in 1556 als minderjarige beleend met de molen te Offenbeek. De leeneed werd afgelegd door een hulder op verzoek van Otto's voogd, Derick van Wylick. 3.Elisabeth van Bueren, vermeld in de huwelijksvoorwaarden van Wolter van Bueren met Carola van Brempt. 4.Elberich van Bueren, vermeld in de huwelijksvoorwaarden van Woltervan Bueren met Carola van Brempt. Tr. met Willem van Bottlenberg (Buidelbergh) genaamd Schirp, heer van Lüntenbeck bij Wuppertal (D). In 1555 verzocht Thomas Tijbis namens Anna van Wijlaick, weduwe van Johan van Bueren, en haar onmondige kinderen uitstel van verhef van de molen te Offenbeek en de erbij horende laten en van de hof te Leeuwen en de visserij gelegen te Beesel; een verzoek dat in 1556 nog eens werd herhaald. De goederen van de Buerense Laathof in Beesel werden in 1570 namens de weduwe Anne van Wylich beheerd door rentmeester Gadert Roffaerts. | van Bueren, Johan (I198)
|
| 2591 | Johan van Harselo | toe Boecop, Johan (I386)
|
| 2592 | Johan van Ulft, gehuwd met Elisabeth Sedelitski of Zedelitsky, weduwe van Rudolph van Munster; hij schijnt nog te leven in 1648, toen Jor. Sondach van Munster benoemd werd tot voogd over den onmondigen nagelaten zoon van haar eersten man (Kreynck, Boek der kentn., f 201). Johan zelf schijnt geen kinderen gehad te hebben. | van Ulft, Johan (I8891)
|
| 2593 | Johan van Ulft, heer van Horst, zoon van Sander en Bartruit van Bingel, vrouwe van Horst, werd in 1559 met Horst beleend. Ux. Johanna van Etzbach. Zij was weduwe in 1585, in welk jaar hunne onmondige kinderen met Horst beleend werden. Van die kinderen is ons verder niets bekend. Zij schijnen jong en ten minste zonder mannelijke nakomelingen gestorven te zijn. In 1609 bezat Diderick van Bonnighausen, waldgreve te Monreberg, het huis te Horst. | van Ulft, Johan (I8867)
|
| 2594 | Johan van Ulft, heer van Loackhuisen (beleend na zijn broer Wolter), zoon van Johan en Elsa van Hekeren. In 1544 op een Cleefschen landdag en staat na Sander van Ulft. Ux. Arnolda van der Steen, dochter van Zweder en Margareta Ripperbant. Ref: Heraldieke Bibliotheek 5e deel. 1883. p.51 | van Ulft, Johan (I8844)
|
| 2595 | Johan van Ulft, heer van Loackhuisen, zoon van Wolter en Elisabeth van der Horst (that must be a mistake because she was the grandmother), was gehuwd met Elsa van Hekeren, dochter van Evert, heer van Roderlo, en Eylarda van Methelen, vrouwe van Nettelhorst (Her. Bibl., bl. 58). Hij is 1475 hylixvriend van Elbert van Honnepel en Catharina van Wittenhorst. Amptman op den Schulenborch in 1505. Honorabilis vir Johannes van Ulft satrapa in Schulenborg et Arnolda van den Steen uacor Johannes filius Johannis supradicti te Emmerik in anniversaria bij de kruisbroeders. Ref: Heraldieke Bibliotheek. 5e deel. 1883. p.51 | van Ulft, Johan (I8849)
|
| 2596 | Johan van Ulft, in 1585 met Loackhuizen beleend; op de Cleefsche riddercedul in 1609. Ux. Johanna Mom, dochter van Carselis, heer van Rodentoorn, en Catharina van Wees. Hij tucht haar 1588. - Fahne geeft als haar sterfdag 17 Maart 1653, doch vergist zich hier in. Ref: Heraldieke Bibliotheek 5e deel. 1883. p.50 | van Ulft, Johan (I202)
|
| 2597 | Johan van Ulft, zoon van Adolf, heer van Aspel. Ux. Theodora van Elst. 25 Febr. 1603 Gerardt van Ulft, volmacht van zijn vader en moeder Johan van Ulft en Theodora van Elst, draagt aan Nicolaes Huerninck op een vierde deel van Staeckebrants-weide (Kreynck, Signaet, f. 107 verso). | van Ulft, Johan (I8879)
|
| 2598 | Johan Vincken had land next to Wylheim van Wylick in 1562 | Vincken, Mathias (I1923)
|
| 2599 | Johan VONCK van LIENDEN, geboren circa 1565, overleden op 31-05-1655 te Rhenen, burgemeester, schepen en raad van Rhenen, zoon van Johan VONCK van LIENDEN en Anna de BRUIJN. Gehuwd met Nicolae LIJSTER, dochter van Gerrit LIJSTER en Margriet freijs van CUIJNRE (Kuijnre). Uit dit huwelijk: 1. Dirck VONCK van LIENDEN 2. Geertruid VONCK van LIENDEN 3. Dirck VONCK van LIENDEN. | Vonck van Lienden, Johan (I6498)
|
| 2600 | Johan VONCK van LIENDEN, raad en burgemeester van Rhenen, geboren ca. 1625 te Rhenen, overleden op 24-04-1704 te Rhenen. N.L. 1911 blz. 20, zoon van Dirck VONCK van LIENDEN en Margriet van BEEK. Ondertrouwd op 13-05-1660 te Rhenen, gehuwd voor de kerk te Veenendaal met Magdalena van RIJSWIJCK, overleden op 03-06-1679 te Rhenen. Uit dit huwelijk: 1. Jan Dirck VONCK van LIENDEN, gedoopt op 23-01-1661 te Rhenen. 2. Johannes VONCK van LIENDEN, gedoopt op 04-05-1662 te Rhenen. 3. Dirck Willem VONCK van LIENDEN (zie X.15). 4. Sybilla VONCK van LIENDEN, gedoopt op 08-03-1665 te Rhenen, overleden ca. 1707. 5. Johanna Marta VONCK van LIENDEN, gedoopt op 08-05-1667 te Rhenen. 6. Sybilla VONCK van LIENDEN, gedoopt op 31-01-1669 te Rhenen. 7. Martha VONCK van LIENDEN, gedoopt op 26-10-1670 te Rhenen. 8. Jan VONCK van LIENDEN, gedoopt op 08-05-1673 te Rhenen. 9. Gijsbert VONCK van LIENDEN (zie X.22). 10. Jan VONCK van LIENDEN, luitenant, gedoopt op 05-02-1679 te Rhenen. www.gertjanvonk.nl/vonk/images/stories/vonkgen/vonkgen.htm | Vonck van Lienden, Johan (I6494)
|